All-on-6-behandelingen zijn mogelijk bij mild tot matig kaakbotverlies, maar vereisen bij ernstig botverlies vaak aanvullende procedures, zoals botopbouw. De techniek maakt gebruik van zes strategisch geplaatste implantaten die schuin worden gepositioneerd om optimaal gebruik te maken van het beschikbare kaakbot. Bij onvoldoende botvolume zijn er verschillende opties beschikbaar om toch een succesvolle all-on-6-behandeling mogelijk te maken.
Het verlies van kaakbot na tandverlies is een natuurlijk proces dat de mogelijkheden voor implantaatbehandelingen kan beïnvloeden. Gelukkig bestaan er moderne technieken om ook bij verminderd botvolume een vaste gebitsprothese te realiseren.
Wat is all-on-6 en hoe verschilt het van andere implantaatbehandelingen?
All-on-6 is een implantaattechniek waarbij een volledige vaste gebitsprothese wordt bevestigd op zes implantaten in de kaak. Deze methode gebruikt meer implantaten dan de all-on-4-techniek, waardoor de belasting beter wordt verdeeld en de stabiliteit toeneemt.
Het belangrijkste verschil met traditionele implantaatbehandelingen ligt in de strategische plaatsing van de implantaten. Bij all-on-6 worden de achterste implantaten vaak schuin geplaatst om gebieden met minder kaakbot te vermijden en optimaal gebruik te maken van het beschikbare botvolume. Deze techniek maakt het mogelijk om direct na plaatsing van de implantaten een tijdelijke brug te bevestigen.
Andere implantaatbehandelingen vereisen vaak individuele implantaten voor elke ontbrekende tand, wat meer botvolume vereist en een langere behandeltijd met zich meebrengt. All-on-6 biedt daarom een efficiëntere oplossing voor patiënten die alle tanden in een kaak moeten vervangen.
Wat gebeurt er met kaakbot na tandverlies?
Na tandverlies begint het kaakbot direct te krimpen omdat de wortel van de tand het omliggende botweefsel niet langer stimuleert. Dit proces, botresorptie genoemd, zorgt ervoor dat het kaakbot in hoogte en breedte afneemt.
De grootste botafbraak vindt plaats in het eerste jaar na tandextractie, waarbij tot 25% van de botbreedte kan verdwijnen. Na dit eerste jaar zet de botafbraak zich langzamer voort, maar blijft wel doorgaan zolang er geen stimulatie plaatsvindt door een implantaat of natuurlijke tandwortel.
Deze botafbraak heeft gevolgen voor de vorm van het gezicht en kan leiden tot een ingevallen uiterlijk rond de mond. Bovendien wordt het plaatsen van implantaten moeilijker naarmate er minder kaakbot beschikbaar is, wat de behandelingsmogelijkheden kan beperken.
Hoeveel kaakbot is minimaal nodig voor all-on-6-implantaten?
Voor all-on-6-implantaten is per implantaatlocatie minimaal 8-10 mm bothoogte en 5-6 mm botbreedte nodig. In de bovenkaak moet er voldoende afstand zijn tot de neusbijholtes, terwijl in de onderkaak rekening gehouden moet worden met de zenuwkanalen.
De botdichtheid speelt ook een belangrijke rol bij het bepalen of all-on-6 mogelijk is. Bot wordt geclassificeerd in vier types, waarbij type 1 het hardste en type 4 het zachtste is. Voor een succesvolle all-on-6-behandeling is botdichtheid van minimaal type 2 of 3 gewenst.
Met moderne 3D-scantechnieken kunnen we het beschikbare kaakbot nauwkeurig meten voordat de behandeling begint. Dit stelt ons in staat om te bepalen of er voldoende bot aanwezig is of dat eerst botopbouw noodzakelijk is.
Welke opties zijn er bij onvoldoende kaakbot voor all-on-6?
Bij onvoldoende kaakbot zijn er verschillende behandelopties beschikbaar, waaronder botopbouw met eigen bot of botvervangende materialen, sinusliftprocedures in de bovenkaak en het gebruik van kortere of schuin geplaatste implantaten. Deze technieken maken all-on-6 ook mogelijk bij verminderd botvolume.
Botopbouw kan worden uitgevoerd met bot uit andere delen van je lichaam, zoals de kin of heup, of met synthetische botvervangingsmaterialen. Een sinusliftprocedure tilt de bodem van de neusbijholte op om meer ruimte te creëren voor implantaten in de bovenkaak.
Moderne implantaattechnieken maken ook gebruik van zygomatische implantaten, die bij ernstig botverlies in de bovenkaak in het jukbeen worden verankerd. Deze langere implantaten omzeilen gebieden met onvoldoende kaakbot en bieden een stabiele basis voor de gebitsprothese.
Hoe lang duurt botopbouw voordat all-on-6 mogelijk wordt?
Botopbouw vereist een genezingsperiode van 3-6 maanden voordat all-on-6-implantaten kunnen worden geplaatst. De exacte duur hangt af van de omvang van de botopbouw, het type materiaal dat wordt gebruikt en je individuele genezingsproces.
Bij gebruik van eigen bot is de genezingsperiode vaak korter omdat dit materiaal beter integreert met je bestaande kaakbot. Synthetische botvervangingsmaterialen hebben meestal een langere genezingstijd nodig, maar bieden het voordeel dat er geen tweede operatielocatie nodig is.
Tijdens de genezingsperiode na botopbouw is het belangrijk om de instructies van je tandarts nauwkeurig op te volgen. Roken, overmatige belasting van het gebied en slechte mondhygiëne kunnen het genezingsproces vertragen en het succes van de botopbouw in gevaar brengen.
Wat zijn de risico’s van all-on-6 bij beperkt kaakbot?
Een all-on-6-behandeling bij beperkt kaakbot brengt verhoogde risico’s met zich mee, waaronder een hogere kans op implantaatverlies, beschadiging van zenuwen of neusbijholtes en onvoldoende primaire stabiliteit van de implantaten. Deze risico’s kunnen worden geminimaliseerd door zorgvuldige planning en ervaren behandelaars.
Onvoldoende kaakbot kan leiden tot perforaties van belangrijke anatomische structuren, zoals de onderkaakzenuw of de neusbijholtes. Dit kan resulteren in gevoelloosheid, pijn of ontstekingen die aanvullende behandeling vereisen.
Een ander risico is dat de implantaten onvoldoende primaire stabiliteit krijgen in zacht of beperkt kaakbot. Dit kan leiden tot beweging van de implantaten tijdens de genezingsperiode, wat de integratie met het bot verhindert en uiteindelijk tot implantaatverlies kan leiden.
Bij Team Tandartsen beoordelen wij altijd zorgvuldig of er voldoende kaakbot aanwezig is voor een succesvolle all-on-6-behandeling. Onze ervaren implantologen gebruiken geavanceerde 3D-scantechnieken om de behandeling nauwkeurig te plannen en de risico’s te minimaliseren. Wij bieden de bijzondere mogelijkheid om ‘s ochtends de implantaten te plaatsen en ‘s middags al je vaste brug te bevestigen, zodat je niet lang hoeft te wachten op je nieuwe gebit. Deze snelle aanpak is ideaal voor mensen die snel weer vol vertrouwen willen kunnen lachen en eten.
Frequently Asked Questions
Hoe weet ik of ik voldoende kaakbot heb voor all-on-6 zonder botopbouw?
Dit wordt bepaald door een uitgebreide 3D-scan (CBCT) die de hoogte, breedte en dichtheid van uw kaakbot nauwkeurig meet. Onze implantologen beoordelen of er minimaal 8-10 mm bothoogte en 5-6 mm botbreedte aanwezig is per implantaatlocatie. Tijdens een consult krijgt u direct duidelijkheid over uw mogelijkheden.
Kan ik direct eten na een all-on-6-behandeling met beperkt kaakbot?
Na de behandeling krijgt u een tijdelijke brug waarmee u zachte voeding kunt eten. De eerste weken is het belangrijk om harde en kleverige voedingsmiddelen te vermijden om de genezing niet te verstoren. Bij beperkt kaakbot is extra voorzichtigheid geboden om de implantaten niet te overbelasten tijdens de kritieke genezingsperiode van 3-6 maanden.
Wat kost een all-on-6-behandeling als er eerst botopbouw nodig is?
De kosten zijn afhankelijk van verschillende factoren zoals de omvang van de botopbouw, het type materiaal dat gebruikt wordt en de complexiteit van de behandeling. Voor een exacte prijsopgave op basis van uw specifieke situatie en behandelplan, raden wij u aan een consult aan te vragen.
Hoe pijnlijk is botopbouw en wat kan ik verwachten tijdens het herstel?
Botopbouw wordt uitgevoerd onder lokale verdoving en is tijdens de procedure niet pijnlijk. Na de ingreep kunt u 2-3 dagen zwelling en ongemak verwachten, vergelijkbaar met een tandextractie. Pijnmedicatie en koelcompressen helpen bij het herstel. De meeste patiënten kunnen na een week weer normaal functioneren.
Zijn er alternatieven voor all-on-6 als mijn kaakbot te beperkt is voor botopbouw?
Ja, er zijn verschillende alternatieven zoals zygomatische implantaten die in het jukbeen worden verankerd, of een all-on-4-behandeling met kortere implantaten. Ook kunnen removable implantaatgedragen protheses een optie zijn. Onze implantologen bespreken alle mogelijkheden met u om de beste oplossing voor uw situatie te vinden.
Hoe lang gaat een all-on-6-behandeling mee bij verminderd kaakbot?
Bij goede mondhygiëne en regelmatige controles kunnen all-on-6-implantaten ook bij verminderd kaakbot 15-20 jaar of langer meegaan. De levensduur hangt af van factoren zoals botdichtheid, roken, algemene gezondheid en onderhoud. Met de juiste zorg en nazorg zijn de langetermijnresultaten zeer gunstig.
Wat gebeurt er als een implantaat faalt bij beperkt kaakbot?
Als een implantaat faalt, kan het meestal worden vervangen na een genezingsperiode van 2-3 maanden. Bij beperkt kaakbot kan dit complexer zijn en soms aanvullende botopbouw vereisen. Het voordeel van all-on-6 is dat de overige vijf implantaten de brug tijdelijk kunnen ondersteunen terwijl het vervangingsimplantaat geneest.